Equipe Alpine 2010

#202 Randall Lawson – Renault Alpine A310 Group II
#222 Ron Kluit – Renault Alpine A310 Group IV

__________________________________________________________________________________________________________

Finale races Zandvoort
9-10 oktober 2010

2010 Finale races Zandvoort (6) 2010 Finale races Zandvoort (5)

Ik snap er helemaal niets van. Heb net in de eerste race van het weekend een bere wedstrijd gereden met een heel vlak schema maar hoe ik mijn kleine Alpine maar ook over het asfalt in de duinen smijt ik krijg maar geen tijd van onder de twee minuten eruit geperst. En als je steeds maar op een vlak schema van 2 blank zit is dat knap frustrerend. De gedachte dat ik in dit veld nog een wedstrijd kan winnen is al lang uit mijn systeem daarvoor gaat de nieuwe generatie YTCC bolides gewoon te hard. Maar mezelf verbeteren hier op Zandvoort dat is wel de bedoeling van dit weekend. Een 1.59 en liefst een 1.58 is toch wel de doelstelling tot nu toe maar zowel in vrije training, kwalificatie als in deze wedstrijd die van begin tot einde full pull gaat lukt het me niet. Dan maar op de zondag opnieuw proberen jochie fluister ik mezelf in mijn oor.

Tot dan toe gaat het met de rest van de Equipe helemaal top. Ruben probeert nog wat andere banden uit, rijdt in de paddock met achteruitrijden het net door mij gerepareerde linkerspatbord weer aan flinters, maar gaat verder wel weer lekker met zijn M3. Hoewel het niet handig blijkt om in race 1 met een aangetrokken handrem weg te rijden. Dat is ook wel weer een leermomentje voor een volgende keer. Ronald zit misschien wel het lekkerste in zijn vel van de Equipe. De vriendschap met zijn M3 dat begin dit jaar besloten werd krijgt een steeds voller karakter. Het zijn de beste maatjes aan het worden. Ronald is niet alleen in de paddock een vriendelijke gozer maar dat ook nog een beetje teveel op de baan. In de YTCC een goede eigenschap maar hij doet zichzelf daar af en toe wel wat tekort mee. Ronald en zijn M3 zijn inmiddels zo’n snel koppel, gedurende het hele weekend blijft hij zich verbeteren en zit dicht tegen de 2 minuten grens aan te hikken, dat in 2011 de rest van de Equipe hard zal moeten rijden om hem bij te houden.

2010 Finale races Zandvoort (12) 2010 Finale races Zandvoort (9)

Trots ben ik op Ron Kluit. Het begon dit jaar als een geintje om hem in de tweede Alpine te zetten. Maar ik heb me daar behoorlijk in vergist. Ron blijkt een serieuze racer te zijn. Veel meer daarmee bezig dan ikzelf. Hij is vanaf het begin alleen maar gefocust geweest hoe “zijn” Alpine sneller te krijgen. Weken, nee zelfs maanden heeft hij alleen maar daar aan kunnen denken en loopt inmiddels een heel team met technici om zich heen te verzamelen om die doelstelling te bewerkstelligen. Een soort Michael Schumacher kan je wel stellen. Ron gaat daarin heel ver, wil zelfs Universiteiten benaderen en ik laat hem zolang het budget het toe laat daarin gaan. Want ons zorgenkindje de groene Alpine gaat helemaal top. Is sneller en vooral betrouwbaarder geworden als ooit tevoren en inmiddels ook helemaal een eenheid aan het worden met Ron zelf. Ron blijkt het racen zeker niet verleerd te zijn. Ik ben in mijn trouwe Groep 2 nog steeds iets sneller maar zal ook aan de bak moeten om Ron in 2011 nog voor te blijven. Want dat Ron met het groene monster dan zeker harder zal gaan is zeker en ik heb inmiddels dit wedstrijd weekend al na de kwalificatie bij mezelf besloten dat in 2011 niet ikzelf, zoals eigenlijk gepland, maar hij de groene mag gaan besturen. Ron steelt het gehele weekend de show met zijn auto, staat prominent in het programmablad, gaat veelvuldig over de speaker van het circuit en gaat mede door de nieuw gemonteerde uitlaat van GD Exhaust vuurspuwend over het circuit. De fotografen langs de baan zetten al snel een wedstrijd in wie daar de mooiste plaatjes van kan schieten.

2010 Finale races Zandvoort (7) 2010 Finale races Zandvoort (11)

Op zaterdag avond begrijp ik weer waarom ik voor de NET Services YTCC gekozen heb. Bij onze tent staat de BBQ vol te branden en mijn sponsor Carlo staat daarop voor iedereen die maar aan komt lopen lekkere worstjes te braden. Het is waanzinnig gezellig en als al het eten op is en de hele gemeente zich daarna verplaatst naar de feest tent van Paul Geeris Racing wordt het onwijs gezellig laat. Met het team van Paul hebben we al het gehele jaar een strijd op de paddock wie het leukste geintje kan uithalen. Het staat 2-0 voor onze Equipe en ik probeer uit te vissen wat ze gaan uitspoken. Paul en zijn mannen laten buiten jullie kunnen toch wel tegen een geintje niets los en de hele zaterdag avond zitten we elkaar in de feesttent te jennen. Thomas Egbers is dan inmiddels al uitgewisseld met Jan Ploeg. Jan mag aan Porsches gaan sleutelen, Thomas in Alpines gaan rijden. U begrijpt het, het is bere gezellig. ‘s Morgens loop ik met een verschrikkelijke houten kop richting de wc. Tot mijn grote schrik, het is half negen, moet ik in de rij staan om mijn blaas te legen. Zo druk is het inmiddels dan al op de paddock. Als ik even later in mijn korte broek, want het is dan wel oktober maar bijna zomers warm, wordt nagefloten door een stel veel te schaars geklede pitspoezen ben ik gelijk wakker. Wat de fuck is hier aan de hand denk ik bij mezelf. Het blijkt dat Formido bouwmarkten zijn PR werk goed heeft gedaan. Want uiteindelijk komen er zo’n 19.000 bezoekers op de racedag af en is het niet alleen enorm druk maar ook gezellig op de paddock. Dit zijn de evenementen waar we als YTCC thuis horen zit ik bij mezelf te denken als ik in onze tent kom voor het ontbijt. Er heerst serene rust in het team. Marcel Poelman en John in het team inlijven voor de technische bijstand dit weekend heeft zijn werk gedaan. Technisch loopt alles op rolletjes en net zoals op de Nurburgring hoef ik me over alle auto’s helemaal geen zorgen meer te maken. Ron, Jan, Dinand, John, Glenn en Marcel hebben alles onder controle en de wagens zijn er dan ook voor race 2, prime time op de Zondag, helemaal klaar voor. Ikzelf ook want de baan ziet er top uit en voor veel publiek wil je altijd je best doen. Als ik mezelf klaar maak lopen er verschillende monteurs van Paul Geeris Racing zenuwachtig om de auto’s van onze Equipe heen. Ah gaan ze dan toch wat uithalen zit ik te bedenken. Vlak voordat we de baan oprijden plakt er eentje een sticker op mijn linker spatbord. De klootzakken denk ik ze flikken toch wat op het laatste moment, geen idee wat kan niet zien wat erop staat maar dat ze ons terug pakken is nu wel duidelijk. Als we uiteindelijk van start gaan, de weg daarna toe is door misverstanden van wedstrijdleiding en de eerste startplaatsen heel erg lang, heb ik al lang door dat het vandaag gaat gebeuren. Al vanaf de opwarmronde ligt mijn karretje top en mede doordat de baan er super bij ligt weet ik zeker dat een 1.59 erin zit. Het zal echter heel anders lopen. Na de start houdt Mick me in zijn R21 bij het opkomen van de Hunserug mega op. Marc Engelhart gaat me op vol vermogen voorbij maar remt veel eerder dan verwacht weer voor het Scheivlak. Ik zet de Alpine er aan de binnenkant tussen en als we samen het Scheivlak indenderen stuur Marc in om zijn ideale lijn te pakken. Begrijpelijk want met een Porsche heb je die net zoals ik in een Alpine gewoon nodig. Helaas zit ik net daar en we raken elkaar door het gehele Scheivlak twee keer behoorlijk hard in de flank. Met veel pijn en moeite houd ik de auto op de baan en ook Marc moet alle zeilen bijzetten. Bij de volgende bocht heb ik meteen zoiets van game over. De auto trilt enorm en ik kan nog maar net mijn handen op het stuur houden. Ik ben pist, niet zozeer door de klap maar die 1.59 kan ik nu wel vergeten. Ik pers er alles uit wat erin zit kom niet meer tot toptijden, moet op het rechte stuk tot twee keer toe door de trillingen mijn bril weer op mijn neus zetten en heb maar een doel de finish bereiken. Dat lukt met hangen en wurgen. Het mooie is dat twee rijders vol met adrenaline altijd een eigen verhaal hebben. Ik ben boos op Marc, Marc die helaas uitvalt enorm op mij. Als de wedstrijd leiding mij uiteindelijk gelijk geeft heb ik daar vrede mee maar ben ik nog steeds niet gelukkig. Race ongelukken, het is mijn eerste contact met een andere rijder in vijf jaar YTCC racen, kunnen altijd gebeuren, soms huilt er een in dit geval twee. Marc zijn Zondag is verpest die van mij ook en dat was in de ochtend bij ons beiden echt niet de bedoeling.

2010 Finale races Zandvoort (4) 2010 Finale races Zandvoort (3) 2010 Finale races Zandvoort (8)

Terug bij de tent zie ik al mijn monteurs met shirtjes TE KOOP aanlopen. Zo erg was mijn race nu ook weer niet denk ik bij mezelf. Maar al snel blijkt wat voor een waanzinnige grap Paul Geeris Racing ons bakt. Overal zitten stickers TE KOOP opgeplakt. Van gereedschaps kar tot BBQ, van tent tot motorhome, van brommer tot zelfs de hond van Dinand en Arianne, van auto’s tot olie lekbakken. Overall in de paddock zijn flyers uitgedeeld dat ons team in zijn geheel in staat van faillissement verkeerd en nog dezelfde dag door de curator verkocht wordt. En dat gebeurt allemaal terwijl wij zitten te racen, de grap wordt zo serieus genomen door het aanwezige publiek dat Ine de vreemdste figuren kijkend in gereedschaps kisten en motorhomes terugvind. Die zit, ik moet er vreselijk om lachen en begrijp nu waarom op zaterdagavond Paul de gehele tijd maar zat te vragen of we tegen een geintje konden. 2-1 is de stand en wij hebben de gehele winter de tijd om wat te verzinnen. Zal niet gemakkelijk zijn dat te doen omdat de lat inmiddels door Geeris racing heel hoog is gelegd. Maar misschien daarom is racen in de NET Services YTCC wel zo leuk.

2010 Finale races Zandvoort (2)2010 Finale races Zandvoort (10)

____________________________________________________________________________________________________________

Nurburgring Oldtimerfestival
10-12 september 2010

Zo Lawson, nu sta je tenminste weer even met beiden benen op de grond. Race 2 op de Nurburgring is net afgelopen en ik heb daarin 3 ronden een zinderend gevecht gehad met Bob Herber , die voor eenmaal de plaats heeft ingenomen in de Lotus Sunbeam van Anita Rennes. Een gevecht inderdaad om elke millimeter asfalt en ik heb hem grandioos verloren. In de eerste plaats doordat de Talbot Lotus Sunbeam een verdomde goede snelle kar blijkt te zijn met een fantastische wegligging, Bob noemt het een kart met een doosje eromheen, in de tweede plaats omdat Bob zijn stuurmanskunsten een paar treetjes hoger op de ladder staan dan die van mij. En dan hoef je je niet te schamen alleen moet je dan toch maar eens na gaan denken over een extra racecursusje.

Oldtimerfestival Nurburgring, het is inmiddels een begrip geworden op het Grand Prix Circuit in de Eifel. Alweer georganiseerd voor de 27e keer en ik ben blij dat we als YTCC er ook weer bij zijn. Na dit weekend weet ik een ding zeker. De F1 Grand Prix strecke heeft mijn hart nog meer gestolen. Velen vinden Spa de ultieme baan maar ik denk dat uiteindelijk het asfalt hier in de Eifel nog uitdagender is om op te rijden. Snelle stukken , afgewisseld met hele technische gedeeltes maakt de baan gewoon veel indrukwekkender. Tel daarbij op dat de lucht rondom het circuit helemaal vol zit met autosport moleculen, dan kan het niet anders zijn dan dat je het gehele raceweekend met een big smile op de paddock rondloopt. De voorbereidingen naar het wedstrijd weekend verliepen helemaal vlekkeloos. Alle aanpassingen die we aan de nummer 222 Alpine hadden gedaan bleken bij een test op Zandvoort vlekkeloos te werken. Ook mijn trouwe karretje had na de races op Zolder maar weinig onderhoud nodig. De Alpines zijn dus weer helemaal terug in de betrouwbaarheids modus. En ook dit race weekeinde in de Eifel geven beide wagens geen krimp waardoor veel getest kan worden met afstellingen en andere zaken. Bij aankomst op de paddock op donderdagmiddag voor het raceweekeinde wordt ik hartelijk begroet door vele Franse deelnemers die ik nog ken van de race op Le Mans van vorig jaar. We rijden inderdaad ditmaal samen met de Franse Salooncar piloten. Niet vreemd voor mij maar wel voor de andere YTCC coureurs die opeens vreemde wagens rondom hun heen zien staan als Anima, Chevron, Zebra, Jide 2L en SIB. Maar gedurende de rest van het weekeinde zullen ook zij meemaken dat die “rare”fransen echte racebeesten zijn en veel gemakkelijker in de omgang dan je eigenlijk zou verwachten. Voor teamgenootje Ron Kluit is het de eerste keer op dit circuit. Maar ook hij raakt snel vertrouwd met de baan en zit me eerder op de hielen in tijden dan dat ik verwacht had. In de kwalificatie is het verschil slechts een grote 3 seconden en dat is absoluut een pluim waard. Met de snelheid van ons groene monster zit het dus wel snor en ook Ron laat iedere keer weer zien nog een echt racebeest te zijn. Zelf zit ik lekker in mijn vel. Marcel Poelman van Tim Tuning is mee voor de extra technische ondersteuning en coördinatie binnen de pits. Buiten wat helpen met tanken en poetsen van de racewagens raak ik het gehele weekeinde geen sleutel aan, beetje moeilijk dat wel, maar het geeft wel de rust zodat ik mij kan focussen op racen. En dat is nodig want de concurrentie niet alleen binnen de YTCC maar ook die van de Franse Salooncar rijders is heel groot. De Turbo jongens zijn helaas weer meer in het voordeel dan ik zou willen. Met de glooiende bochten had ik verwacht iets meer partij te kunnen geven maar in de praktijk valt dat vies tegen. Ik verbeter mijn ronderecord met meer dan 2 seconde maar Mick de Jonge in de 21 Turbo, Erik den Dekker in zijn 944T en Johan Beekman met zijn Porsche 964 blijken veel te snel voor mij en de Alpine. Ook Jan Bot in een supersnelle E30 M3 laat zien behoorlijk snelheid te hebben met een motor met +300pk in het vooronder. Best of the rest wordt het dus weer een beetje zoals op Zolder. Het gat met de mannen hierboven is zo,n 3 seconde per ronde. Ik vind uiteindelijk in race 1 een maatje in de Alfa Romeo V6 van Gerben Goet. We rijden dezelfde tijden en hebben elkaar steeds in het vizier. Ik versla Gerben door zeer constante tijden te rijden en ga algemeen als 9e over de finish. Best wel top als je ziet wat ervoor zit. Vierde ben ik bij het YTCC door een uitval beurt van Erik den Dekker. Het maximale haalbare. Ik ben tevreden vooral omdat ook Kluit de 222 zonder problemen binnen brengt. Ron is een beetje pissed. Een nieuwe set-up die hij en Marcel na de kwalificatie proberen blijkt totaal averechts te werken. De auto gaat alle kanten op en dat is te zien aan de tijden die hij neerzet. Een 7 seconde per ronde langzamer dan die van mij en een 4 seconde langzamer dan zijn eigen tijden in de training. Voor race 2 wordt de auto teruggebouwd en dat blijkt uiteindelijk te helpen. Ruben neemt revanche voor zijn slechte kwalificatie en eindigt voor Ronald op plek 12 (7e YTCC). Ronald wordt 15e (10 YTCC) en Kluit 19e (11e YTCC).

Er heerst na race 1 grote drukte in de tent van de Equipe. We hebben een uur om de vier wagens klaar te maken en dat betekend even alle hens aan dek. Maar er zijn geen problemen zodat we sneller dan verwacht klaar zijn. Met race 1 in het achterhoofd weet ik dat meer als plek 5 bij de YTCC en een 10e plek algemeen er gewoon niet inzit. Erik den Dekker moet achteraan starten maar zal wel voorbij komen daar is het verschil veel te groot voor. Ik houdt geen rekening met het feit dat Anita haar Talbot Lotus Sunbeam uitleent aan Bob Herber voor race 2. Al na twee ronden is mijn achterruitkijk spiegel helemaal gevuld met de neus van een boos kijkende Lotus. Bob remt mij twee keer uit maar ik blijf doorvechten en zit regelmatig met de neus naast zijn deuren. De Lotus loopt echter vooral bochten uit als een tornado door een graanveld en maait alles wat voor hem zit resoluut van de baan. 3 ronden vecht ik als een beest en helaas raak ik de aansluiting door een achterblijver kwijt. Daarna loopt Bob met een seconde per ronde van me weg en eindig ik net zoals in de eerste de race in niemandsland. Toch ben ik tevreden geen problemen met alle 4 de auto’s dit weekeinde. Kluit wordt 20e algemeen (13e YTCC) en is ook weer blij want de auto werkte weer zoals hij het graag wilde. Ruben heeft het druk met een voor hem heel ongebruikelijke auto, een Jide 2 litre. Hij weet nu dus ook hoe Fransen racen en eindigt als 12e algemeen (8e bij YTCC). Ronald is met zijn 14e (10e YTCC) plek ook tevreden .

Met een tevreden gevoel kijk ik terug naar de wedstrijden in de Eifel. Ikzelf ben dan wel de leiding kwijt in de YTCC Challenge, die is weer voor Mick de Jonge met zijn snelle R21Turbo, maar kan daar mee leven. Wil je van de A310 een top frontrunner maken in de YTCC dan moeten er een hele emmer pk’s bijkomen. Te duur en eigenlijk overbodig. We hebben met de Alpine Equipe nu laten zien twee snelle jaren 70 bolides te kunnen neerzetten die, en dat is eigenlijk ongebruikelijk voor zo’n franse tupperware doos,naast snel ook heel betrouwbaar blijken te zijn. Dat is als team een prestatie om trots op te zijn.

____________________________________________________________________________________________________________

ZOLDER SUPERLEAGUE FESTIVAL
16-18 July 2010

Ron Kluit begrijpt er helemaal niets van. Hoe kan je nou racen als je zoveel aan je kop hebt. Niet normaal waar jij allemaal mee bezig bent op het circuit. Hij heeft misschien wel een beetje gelijk. De aanloop naar het Superleague Racefestival op Zolder is alles behalve gemakkelijk gegaan. Geen problemen bij het team maar wel met de organisatie van het YTCC evenement. Van alles ging er mis en het wegblijven van veel beloofde deelnemers van de Classic Racing League zorgde ervoor dat ik de gehele week voor het evenement bezig was om extra rijders richting Zolder te krijgen. En dat is een hele moeilijke opgave. Uiteindelijk staan er toch nog 31 rijders aan de start van alweer de 5e en 6e race van de Netservices YTCC Challenge. Veel te weinig en ik zit dan ook met een beetje rot gevoel in mijn maag op Zolder. Als organisatie gaan we met zo’n 10.000 eurie het schip in en dat zit me totaal niet lekker. Ik maak me zorgen om de toekomst van mijn geliefde race klasse want op deze manier kunnen we gewoon niet doorgaan. Er volgen veel gesprekken met diverse rijders , organisaties uit binnen en buitenland op het circuit. Zoveel dat het zelf racen bijna bijzaak wordt. Zo iets van oh ja er moet ook nog een overalletje aangetrokken worden. Als controle freak heel moeilijk want ook in de eigen Jaronn tent bemoei ik me met van alles en nog wat. Maar sleutelen vind ik nu eenmaal ook heel erg leuk en Ron, Jan en Dinand mijn monteurs kunnen dat soms moeilijk accepteren. Hebben ze ook wel weer gelijk in natuurlijk. Want waar de baan die van mij is is het paddock hun domein.

De droom, mijn droom, komt dit jaar wel een beetje stukje bij beetje uit. Ik wilde altijd naar minimaal een team van twee Alpines A310 op de baan. Eentje fatsoenlijk aan de start krijgen is al een hele opgave. Twee blijkt nu na 6 wedstrijden een bijna onneembare vesting. Het in de praktijk brengen daarvan is veel moeilijker dan gedacht. Niet alleen financieel maar vooral ook technisch. We zijn er inmiddels achter dat beiden auto’s in alles van elkaar verschillen. Zaken die uit voorzorg veranderd zijn bij de nieuwe groene bolide blijken gewoon te doen wat ze moeten doen. Andere zaken die in vier jaar racen met de gele gewoon nooit kapot gaan of bijna geen aandacht behoeven gaan opeens bij de nieuwe aanwinst kapot. En dan moet je in je gedachten gang de knop totaal omzetten. Beide auto’s gaan runnen als twee totaal verschillende individuen . Ik zit daar met alle drukke andere zaken op het circuit het gehele weekend in mijn achterhoofd te stoeien. Zo erg zelfs dat bij de eerste training ik bijna niet meer weet welke kant ik het circuit op moet rijden. Ook wel weer spannend.

Die groene Alpine is dus even mijn zorgenkindje. Ron Kluit die ik gevraagd heb om het monster te besturen gaat er met de minuut harder en harder mee. Het vertrouwen met de auto bouwt hij langzaam op en de snelheid die hij inmiddels behaalt laat zien dat er enorm veel potentieel in de rijder en auto zit. Voor Ron gaat de ontwikkeling hem allemaal iets te langzaam maar gelukkig kan ik hem uitleggen dat je 4 jaar van ontwikkeling en het betrouwbaar maken van een Alpine echt niet in een test en 1 raceweekend kan nadoen. Zeker als de auto’s in alles van elkaar verschillen. We willen wel toveren maar kunnen dat nog net niet en het budget om een hele dag het circuit af te huren en te testen is er gewoon niet. Al met al doen we het gewoon niet slecht want beiden auto’s rijden op plekken waar vele Alpine kenners die echt niet verwachten. In positieve zin.

Als er een man nerveus rondloopt op Vrijdag is het Dinand. Drie door hem gebouwde motoren sneuvelden al dit jaar. Mijn motor bouwer slaapt vast een paar nachten niet voordat wij voor de eerste keer de baan oprijden. Maar vanaf het begin van al die motor ellende heb ik vertrouwen gehad dat het allemaal wel goed zou komen. We rijden al vier jaar met zijn motoren en nooit hebben die een slag misgeslagen. Dan moet je als rijder niet na een paar plofjes er geen vertrouwen meer in hebben. De rest van het weekend kan Dinand rustig slapen want beiden V6 blokken geven ondanks alle hitte op het circuit geen krimp. De aai die ik Dinand op Zondagmiddag op zijn bol geef zegt genoeg. Van hem blijven houden heb ik altijd gedaan. Om ons heen hebben diverse andere rijders van de YTCC wel hele grote koelings en motoren problemen. Het is inherent aan de oude garde racewagens. Dat de motor van Jeroen zijn Simca al op vrijdagochtend weer de geest geeft brengt niet alleen het humeur naar het vriespunt bij hem en zijn vader maar ook ik kan al die ellende die deze jonge racer over zich heen krijgt even niet meer bevatten. Helaas kan je nog zo’n goede motor bouwen maar als de carterplug loskomt en alle olie op de baan gedeponeerd wordt is er echt geen motor die dan nog zoiets heeft van leuk joh geen probleem we blijven gewoon lekker doordraaien. Jeroen is Vrijdagavond alweer onderweg naar huis en in zijn Renault Trafic zal de airco wel niet aangezet zijn. Zo kil is de sfeer aan boord.

Prio 1 waar we voor naar het circuit gekomen zijn is racen. Daar gaat het allemaal om nietwaar. Er zitten dit weekeinde een paar machtige apparaten in het deelnemers veld. Peter Mucke uit Duitsland met zijn Ford Capri RS3100 blijkt van een andere planeet en rijdt gemiddeld 8 seconden sneller als de rest van het veld. Goed daar moeten we ons dan maar niet druk over gaan maken. De Turbo motoren zijn dit weekeinde duidelijk in het voordeel. Mick met de R21, Erik met zijn 944 en Jan van Elderen met een machtige Ford Sierra zijn gewoon veel te snel. Die hebben het voordeel na de korte 2e versnellings bochten dat de gaskraan behoorlijk open gedraaid kan worden. Veel sneller dan verwacht, eerlijk ik heb gezegd dat het een keer ging gebeuren, maar zo snel hoeft nu ook weer niet, zit zelfs teamgenoot Ronald met zijn M3 na de kwalificatie voor mij. Het scheelt 0.05 seconde. Helemaal niets natuurlijk maar het is toch ervoor. Ik baal, laat dat natuurlijk niet merken, Ronald is daar veel te aardig voor. We wisten dat er heel veel potentieel in de auto zat het moest er alleen nog even bij Ronald uitkomen. Na een extra racecursus via de Rensportschool is dat dus nu ook wel gelukt. Iets te vroeg in mijn ogen maar toch ben ik supertrots op hem. Goed dat betekend met een 6e plek algemeen (de eerste twee rijders van het veld doen niet mee voor het klassement) ik dus aan de bak moet. Zeker om voorin te eindigen of überhaupt de traditie van een podium dit jaar te kunnen blijven realiseren.

Al snel blijkt dat dat podium er dit weekeinde niet inzit. De eerste race wordt een hele eenzame strijd voor mijzelf. Bij de start ben ik goed onderweg maar de 3 eerder genoemde Turbo jongens kan ik in de verste verte niet bijhouden. Achter mij de rest van het veld ook niet zodat ik een gelijkmatige wedstrijd op plek 4 uitrijdt. Wat enorm lekker is dat na al het geklooi met de auto in de vrije training en kwalificatie ik voor mezelf enorm goed aan het sturen ben. Maak nergens een foutje, op een schakelmomentje na en rijdt een superstrak schema van rondjes rond de 1.54. En dat was in de trainingen wel anders toen ik weer ouderwets de auto aan het overdriven was. Of ik het nooit leer zit je dan zelf te bedenken. Ik krijg dat maar niet uit mijn systeem. Tijdens een wedstrijd loopt alles op rolletjes in de trainingen is en blijft het een zooitje. Word dus een volgende discussie puntje dit jaar. Ron Kluit rijdt ook een prima wedstrijd. Doet het aan het einde iets rustiger aan omdat de olietemperatuur veel te hoog oploopt. Een 150 graden olie is ervoor om patatten te bakken en dan dient het spul niet meer waarvoor het bedoelt is namelijk smeren van de zo essentiele motor onderdelen. De crew stort zich na afloop op het probleem en met allemaal slangen wordt er versere en hopelijk koudere lucht richting oliekoeler gevoerd. Het blijkt tijdens de tweede race gedeeltelijk te werken dus we weten dat we voor de Nurbrgring met het groene monster nog even aan de bak moeten.

In race 2 moet ik wat harder werken dan in de race een dag eerder. Niet alleen is het bloedheet in de wagen, of kreeg ik dat toch van alle aanwezige pitspoezen, in mijn kielzog blijven Classic Racing League driver , de klasse waar we de baan mee delen dit weekend, Dieter Dormann in een razendsnelle BDA en jawel die verdomde Ronald mij goed volgen. Aan het einde van de race rijden ze zelfs het kleine gaatje dicht en moet ik stampen voor wat ik waard ben. De turbo’s zitten er weer voor . wederom ga ik als 4e over de streep. Het maximale haalbare dit weekend. Ronald wordt twee keer 5e en ik voel zijn adem steeds dichter in mijn nek blazen. Kluit zet de auto nadat die niet meer kan schakelen aan de kant. Hij heeft geen zin de boel kapot te maken. Later blijkt een kapotte koppelingscilinder de oorzaak. En dat is nu weer zo’n onderdeeltje dat bij mijn auto al 5 jaar geen onderhoud nodig heeft. Ik zei het al het is back to basic met de gedachten gang en beiden auto’s totaal anders benaderen.

Een ding heb ik dit super weekend geleerd. Als je totaal niet gestrest wilt racen moet je in de eerste plaats niet in een bestuur van de YTCC gaan zitten en de Alpines meteen verkopen . Een BMW 325i kopen, Ruben reed een totaal probleemloos weekeinde en had zelfs tijd om lekker te gaan slapen tussen de trainingen en wedstrijden. Zijn motorkap ging het gehele weekeinde niet open. In tweede instantie het in je kop vastspijkeren van de gedachte dat je 6 Alpines op de baan moet zien te houden. Dan valt al het werk dat erop je afkomt bij twee weer enorm mee. Maar misschien ben ik een beetje een masochist en vind ik het lekker om alle drukte in mijn koppie te hebben. Nog zes weken naar de volgende race, nog genoeg werk moet er verzet worden aan het nog meer verbeteren van beiden auto’s uit Dieppe en dan begint het gehele circus weer van voren af aan. Locatie de Nurburgring. Geloof het of niet ik heb er nu alweer enorm veel zin in. Vooral omdat ik mijn oude strijdmaatjes van vorig jaar op Le Mans weer tegenkom. De franse Salooncar racers. Ga wel het gehele weekeinde bij hun zitten kan ik enorm gaan relaxen want met een stukje stokbrood, Frans kaasje en wat wijn is het zelfs in Duitsland leven als god in Frankrijk. De beste manier van ontstressen.

________________________________________________________________________________________________________________

Groep IV test Zandvoort
5 juli 2010

S

Behalve Ron die veel kilometers moest maken stapte ook Randall achter het stuur van de GrIV A310 van de Equipe op deze door de Harc georganiseerde testdag. “Een totaal andere wagen dan mijn A310″ was de conclusie van Randall. “Veel onrustiger in de kont maar daar hebben we vandaag erg aangewerkt om dat eruit te krijgen. Is nog niet optimaal gelukt, ik ging er een keer zelfs hard mee onderuit, dus we gaan verder met de afstelling in Zolder. We weten waar we naartoe moeten, welke stappen we moeten nemen. Maar een bommetje dat is het zeker en ik denk dat in de basis deze auto sneller en beter is dan de GrII.”

_______________________________________________________________________________________________________________

Spa Francochamps

En dat is twee !!!!!!!!!!!!
30-05-2010

Ik zit helemaal te flippen achter het stuur van mijn A310. Ik ben zo net alweer voor de tweede keer zonder het gas te liften volle pot omhoog gegaan op Eau Rouge. Inderdaad de beroemde bocht op het circuit van Spa Francorchamps, dezelfde bocht die mij precies een jaar geleden liet weten dat hij zich niet altijd gewonnen geeft. Ik heb er lang tegenaan zitten hikken of ik het nog wel zou durven of niet en in de ronde voor deze nieuwe poging was het ook al gelukt. Gewoon full pull naar boven, gewoon met het idee in het achterhoofd gaat het weer mis dan gaan we maar meteen op deze zonovergoten ochtend aan het bier. De thrill duurt echter maar 15 seconden want bij de volgende chicane aan het eind van het lange rechte stuk zie ik iets voor me wat me meteen weer even mijn plezier ontneemt. Mijn beiden teamgenootjes hebben het voor elkaar gekregen elkaar in een vrije training te raken. Waar zijn die nu in hemelsnaam mee bezig zit ik de volgende ronde te brainstormen. Terug in de paddock is het even heel erg stil in de Equipe Jaronn tent. Ronald heeft zijn rechter zijkant flink in elkaar en Ruben is nog niet terug met zijn auto van het circuit. Lekker zeg denk ik bij mezelf dat gaat een gezellig weekendje worden. Gelukkig zijn zowel Ruben en Ronald heel erg volwassen homo sapiens die een behoorlijke rug hebben en wordt het het gehele weekend met ook de hulp van het “meneer” Geeris team, heel erg gezellig in de EJ tent.

Na zo snel in de vrije training het eau rouge syndroom van me af te hebben geslagen zit ik lekker in mijn vel. Heb nog steeds een beetje de pest erin dat we er niet in zijn geslaagd de tweede Alpine op tijd na de race van Assen klaar te krijgen maar in mijn eigen vertrouwde karretje gaat het best lekker. Dit weekend heeft het autootje het enorm zwaar. Hij staat te kraken aan alle kanten en als ik zachtjes over de paddock rijdt klinkt hij meer als een oude Kever met veel te droge ophangings rubbers in het onderstel dan een stoere racewagen. Maar op de baan gaat hij als de brandweer. De tijden van het jaar ervoor worden al heel snel gehaald en in de kwalificatie ben ik maar liefst 3,5 seconde sneller als in 2009. Een derde tijd bij de Youngtimers en 8e algemeen in het gecombineerde Alfa Romeo Trofeo en Netservices YTCC veld. Die mix van Alfa’s en Youngtimers is weer zeer geslaagd. Op de paddock is het hectisch, de Alfa’s, Westfields en Youngtimers staan gebroederlijk door elkaar gehutseld en dat geeft een geweldige sfeer. Overall is er bedrijvigheid te vinden en vooral in het Alfa kamp wordt er elke keer als de wagens van de baan komen driftig gesleuteld. Ook aan mijn auto want er zijn voor het eerst dit jaar een paar kleine problemen. In iets wat we in vijf jaar nog nooit eerder hebben gehad het koelsysteem. De druk erin wordt te hoog en via het expansievat wordt er regelmatig koelvloeistof naar buiten gegooid. En dat is niet iets wat je heel erg graag ziet gebeuren. De koppakking dat is de gewetens vraag maar daarvoor is de druk opbouw weer te laag. Het gehele weekend zijn we ermee bezig en het probleem blijft ons achtervolgen. We kunnen ermee racen dus besluiten we gewoon ervoor te gaan en zien waar het schip strand.

Dat stranden valt uiteindelijk wel mee. Ik zei het al de A310 gaat als de brandweer op Spa. In race 1 op zaterdag kan ik het tempo van Marcel Frijlink in de nog steeds sneller wordende Escort RS1600 en Mick de Jonge in zijn 21 Turbo niet bijhouden. Maar Porsche rijders die ik wel verwacht kunnen mij weer niet bijhouden. Ik krijg het tijdens de wedstrijd aan de stok met de zwitser Rene Hadorn in een hele mooie maar vooral bloedsnelle Alfa Romeo Sprint. De 1600cc in zijn auto lijken er wel 3600 zo hard gaat het apparaat. Rene en ik strijden ronden lang spiegel aan spiegel en de positie wisselingen zijn niet te tellen. Als hij in de laatste ronde mij weer passeert doordat ik gehinderd wordt door achterblijvers besluit ik een heel gewaagde inhaalpoging te ondernemen. Ik pak hem buitenom in de laatste chicane en ga met nog geen tiende verschil net voor hem over de eindstreep. 3e bij de YTCC en 8e algemeen. Dit was genieten, racen zoals racen hoort. Rene en ik omhelzen elkaar na afloop, hij vindt me een top driver, heeft genoten maar datzelfde heb ik ook gedaan van zijn rijkunsten. Mijn onboard beelden zeggen genoeg. Dit was soms bijna hogeschool autosport.

Spa heeft zo zijn eigenaardigheden. Vooral wat het weer betreft. De ene dag heb je het gevoel dat je in de tropen zit de andere zit je met de kachel aan in de tent. Op zondagmorgen is het kil en nat. En het wordt voor de race uiteindelijk heel erg nat. Wat we in Assen hadden is verleden tijd. Ik heb nu een hele echte regenset bij me en dat geeft ieder geval een hoop zelfvertrouwen. Bij de rollende start weet Mick de Jonge zichzelf en een paar andere coureurs waaronder Frijlink bijna voor La Source te elimineren als hij veel te laat remt. Het gaat net goed en niemand raakt elkaar. Ik profiteer meteen zit na de eerste bocht van plaats 8 gelijk op drie en weet die positie tot halverwege de wedstrijd vast te houden. Het kraken in de Alpine wordt steeds erger en ik besluit om het iets rustiger aan te doen. Rene Hadorn, waar ik de eerste wedstrijd zo lekker mee had gestreden, haalt mij vlak voor het einde in en pakt daardoor een algemeen podium plaatsje van mij af. Maar de drie rijders voor me komen allemaal uit de Alfa Romeo Trofeo en ik win met meer dan 20 seconden verschil de YTCC wedstrijd. En dat is twee uit vier. Mooier kan het seizoen eigenlijk niet beginnen. Vier maal een podium in evenveel wedstrijden. Dan ga je alle ellende van de eigen wagen en de tweede Alpine wel een beetje vergeten.

De volgende race is op Zolder. Zolder haat ik intens. Maar ga er wel altijd heel erg hard. Als de kleine gele me niet in de steek laat dan moet een podium ook daar haalbaar zijn.

_____________________________________________________________________________________________________________

Assen
FIRST
04-05-2010

Ik heb zelden een groep monteurs er zo doorheen zien zitten dan op de zaterdag ochtend 1 mei 2010 in Assen. Ron Kluit heeft net de tweede gifgroene Alpine van het team binnen gebracht met wederom een kapotte motor in de achterzijde. Het is de tweede deze week en het team van technici weet even niet meer wat er in hemelsnaam aan de hand is. Vooral Dinand onze motorbouwer zit in zak en as en begrijpt er echt helemaal niets meer van. Ikzelf ook niet, Ron mijn trouwe monteur evenmin. We hebben in al die jaren dat we nu met een Alpine racen dit nog nooit meegemaakt. Ik zit er even helemaal doorheen. De week voor het raceweekeinde is het elke dag niet vroeger geweest voor de luikjes van de ogen sloten rond de klok van 02.00 uur. Het lichtje is dus even uit. Ondanks dat ik de snelste op de baan ben in de ochtendtraining is mijn humeur ver beneden het vriespunt gedaald. Ook bij Kluit want die ziet zijn debuut na 25 jaar niet doorgaan tegenover vrienden en sponsors. Jan is even de reddende engel, in de middag zorgt hij ervoor dat beide kapotte motoren al in Geesteren bij Dinand liggen zodat die op zijn gemak naar de oorzaak kan gaan kijken. Het geeft mij de rust in mijn ledematen zodat ik mij op de rest van het weekend kan focussen op rijden, rijden en nog eens rijden.

Een valse start van het YTCC seizoen, dat kan je van het Classic Car Festival op Assen gerust wel zeggen. Een veel te klein deelnemersveld van de YTCC, 20 stuks, totaal geen beloofde klassiekers op de paddock, kortom een sfeer om snel te vergeten. Echter op de baan wordt er geracet en dat ook in de YTCC als nooit tevoren. De natte kwalificatie is een prooi voor mijn teamgenootje Ruben Anders. In zijn M3 rijdt hij weer zoals gebruikelijk met zijn Dunlop regenbanden de baan droog en is voor niemand bij te houden. Erik den Dekker in zijn snelle Porsche 944 Turbo kan hem met moeite bijhouden en ikzelf zet de auto op de derde stek. En met de zeg maar echte “time period” banden onder mijn Alpine kan ik daar niet meer dan tevreden over zijn. Het verse rubber kwam niet op tijd binnen voor Assen en de sets slicks en regenbanden waar ik het dit weekeinde mee moet doen zijn niet echt van het kaliber daar ga je vandaag wereldkampioen mee worden. Ronald ook in zijn net aangeschafte BMW M3 maakt een verkeerde banden keuze. De baan droogt voor hem helaas niet snel genoeg op om met zijn set Toyo intermediates net een snelle tijd neer te zetten. Die heeft dus voor race 1 op de Zondag wat te doen.

Ik slaap door de motorproblemen van Ron Kluit enorm slecht. Zit de gehele nacht te piekeren wat de oorzaak kan zijn en ook hoe de benodigde duitjes voor de reparatie weer bij elkaar te sprokkelen. Maar bij de start ben ik echt helemaal wakker. Misschien mijn beste start ooit. Vanaf de tweede rij schiet ik als een kogel tussen Ruben, die op de pole weer als vanouds staat te dansen op zijn achterbanden bij de start en Erik den Dekker door. Ik heb bij de eerste bocht al zoveel voorsprong dat ik die zelfs heel rustig kan gaan aanremmen. Eigenlijk verwacht ik dat Erik mij weer snel achterop het lange rechte stuk zal gaan inhalen. Met zijn turbo is het daar met grote stappen thuiskomen. Maar ik win in de bochtige gedeelten zoveel op hem dat ik iedere keer net voldoende lucht heb om ervoor te blijven. Wanneer Ruben alle olie uit zijn motor op het wegdek neerlegt ontstaat er een safety car situatie van zo’n drie ronden. Tijd om even te bekijken hoe ik bij de herstart twee Turbo’s voor kan blijven. Erik en Mick de Jonge in zijn Renault 21 Turbo zijn wakker. Alle trucs die ik uithaal als de safety car zijn lichten uitdoet om hun Turbodruk zo laag mogelijk te houden trappen ze niet in. Toch win ik de sprint over start finish naar de eerste bocht nipt. He met dit motortje wat van de winter door Dinand is opgefrist is eigenlijk helemaal niets mis mee. De 500 toeren die ik meer mag draaien van hem komen nu echt van pas. De hogere inlaat kelken met speciale filters van K&N zorgen ervoor dat de V6 trekt als een beest en dat compenseert het te weinig vermogen en topsnelheid tegenover de turbo’s achter mij. Met nog verser rubber weet ik dat deze jongen er zeker nog een seconde van kan afsnoepen. Mick doet nog wel een poging aan het einde van het rechte stuk achterop het circuit maar mist de chicane schiet rechtdoor via de escape route en krijgt iets later problemen met de voortrein. De weg naar de finish is daarna lang. Erik en ik knokken ronden lang om elke centimeter asfalt richting die, soms als die uithangt, zo mooie geblokte vlag. Hij komt voor mij precies op tijd. Erik is de laatste ronden veel sneller, mijn achterbanden heb ik iets teveel van gevergd en ik zit meer naast dan op de baan. De complete trukendoos gaat open en met 0.110 seconde voorsprong win ik de eerste race. Na alle ellende met de motoren van Ron zit ik te gillen in mijn auto van plezier. Als ik het parc fermee inrijdt zie ik ook voor het eerst dit weekeinde de technische crew weer lachen. “Precies”zou Ronald zeggen, dit is even wat ze nodig hadden. Als ik uit de auto stap een knuffel krijg van mijn team, van Erik wegens de gave strijd en hoor dat Ronald vierde is geworden kan mijn seizoen nu al niet meer stuk. Bijna twee podiumplekjes voor de Equipe in de eerste race, wat zal de rest van het seizoen wel niet gaan brengen. Ruben zijn motor is stuk en goed ook. Een plug in het oliekoelsysteem is eruit gevlogen en het doorrijden na dit mankement heeft het BMW motortje geen goed gedaan. Ruben zijn gezicht staat op onweer, hij zit er net zoals ik een dag ervoor helemaal doorheen. Hij excuseert zich wil naar huis en ik kan hem geen ongelijk geven. 24 uur daarvoor zat ik ook met die gedachte.

Je kan wakker zijn bij race 1 maar ook mega zitten te slapen bij race 2. Vanaf de pole vertrekken in zijn derde versnelling, heb nieuws voor u dat gaat ook niet met een Alpine. Ben je dan wakker of ben je dan niet wakker zit ik te brommen. Dat ben je dan wel meteen als je zelf merkt dat je een beetje dom bent geweest want het is bij de start meteen even heel druk om mij heen. Ik kom de eerste bocht als 8e door, ga er even voor zitten en bij de eerste doorkomst zit ik al weer op een derde plaats. En dat is het maximale haalbare dat wist ik al voor de race. Op mijn ‘time period’ Dunlops heeft de Alpine nul komma nul grip. Ik ga echt alle kanten op en kan de twee Porsches van Erik den Dekker en Tjalco Jilesen niet bijhouden. Op banden gebied hebben die de zaakjes iets beter voor elkaar dan bij mijn team. Het is heel houden en naar huis brengen dat ding zit ik bij mijzelf te overpeinzen. De achterstand op de twee loopt gestaag op maar achter mij zit ook zo’n gat dat ik de laatste ronden in de cruise control naar de finish kan rijden. Niet echt racen maar dat kan op dit rubber ook echt niet. Zelfs bij het opschakelen van 4 naar 5 heb ik nog wielspin en als ik op het rechte stuk daardoor bijna achterste voren sta vind ik het wel welletjes.

Een 1e en 3e plek dat hadden we als team nooit gedacht. Ronald zelfs 4e. Equipe Jaronn heeft bewezen weer mee te doen voor de prijzen in 2010. Nu nog een goed motortje in de #222 Alpine en Ron kan ook dat gelukkige gevoel na 25 jaar weer beleven.

Next race Spa,

 

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*